06 jul 2020

Tussenkomst Dekolonisering openbare ruimte - Commissie

Op 6 juli werd het voorstel van resolutie rond de dekolonisering van de openbare ruimte dat Groen, Ecolo en de andere meerderheidspartijen indienden, besproken in de Commissie Algemene Zaken. Hieronder kun je Soetkin haar tussenkomst lezen.


Ik ben heel blij dat deze tekst vandaag ter bespreking komt na een uitgebreid werk tussen alle meerderheidspartijen en bedank hen daar dan ook voor. Ook wil ik onze regering bedanken die heeft aangegeven dat ze klaar staan om van start te gaan op het terrein, en ik twijfel er niet aan dat ze goed gevolg zal geven aan de vragen in de tekst. Eigenlijk had deze tekst al lang aangenomen moeten zijn. En daarmee bedoel ik niet vorige week of enkele weken terug, maar enkele decennia terug.  Dat dat niet is gebeurd is eens te meer bewijs dat wij allen nog steeds worstelen met ons koloniale verleden. Nog al te vaak wordt onze geschiedenis vanuit de bril van de ‘beschavingsbrengende’ kolonialen bekeken.

De voorbije weken las ik talloze teksten op sociale media, maar ook uitspraken van politici dat "We eigenlijk wel trots mogen zijn op wat we – als Belgen – in Congo hebben gedaan, we hebben toch beschaving gebracht, we hebben een einde gebracht aan de Arabische slavenhandel, we hebben ‘hen’ leren lezen en schrijven, wegen en klinieken gebouwd. Waarom zouden we onszelf nu complexen aanpraten, mogen we niet meer trots zijn op ‘ons’ België, op ‘onze’ geschiedenis en ‘onze’ koningen?" Deze uitspraken zijn uiterst problematisch, want baseren zich op een reeks mythes – die ondertussen uitgebreid weerlegd werden door wetenschappelijk onderzoek - over de Belgische aanwezigheid in Congo.

Deze mythes werden op verfijnde manier decennialang aan Belgen voorgeschoteld via onderwijs en media om zo de aanwezigheid van ons land in Centraal Afrika te verantwoorden. Ook de wandaden van Leopold II werden daarom onder het tapijt geveegd. FAKE NEWS dus!

In dat kader is men in de eerste helft van de twintigste eeuw overgegaan tot het aanbrengen van verheerlijkende borstbeelden, beeldengroepen en ruiterstandbeelden van kolonisatoren in de openbare ruimte. Belangrijk is te beseffen dat die beelden niet neutraal zijn. Dat waren ze toen niet en dat zijn ze nu nog steeds niet. Het Ruiterstandbeeld van Leopold II op het Troonplein kwam er pas in de jaren ’20 van de 20ste eeuw, dat in Oostende pas in 1931. Toen wist de overheid dat er afschuwelijke zaken hadden plaatsgevonden in Congo, dat er onmenselijke dwangarbeid plaatsvond, dat de bevolking volledig werd uitgeperst en massaal het leven liet.

Het was immers net omwille van deze wandaden dat Congo Vrijstaat onder internationale druk werd overgedragen aan de Belgische Staat. Maar toch koos de Belgische overheid voor de plaatsing van verheerlijkende imperialistische ruiterstandbeelden van diezelfde Leopold II, onvoorstelbaar. Alles ging goed in de ‘modelkolonie’ weerklonk door de Belgische radio’s. Ik herhaal, dit zouden we vandaag categoriseren als desinformatie, Fake News.

Met onze resolutie vragen wij als partijen van de meerderheid dat niet alleen deze beelden, maar ook andere verwijzingen naar de kolonisatie in onze openbare ruimte worden geïnventariseerd en dat er door een stuurgroep per stuk wordt gekeken hoe we met dit relict van het verleden willen omgaan. Die stuurgroep moet bestaan uit mensen uit de brede associatieve wereld – en ook zeker belangenverenigingen van mensen van Centraal-Afrikaanse afkomst, het brede middenveld, en academici. Het is voor ons enorm belangrijk dat dit bottom-up gebeurt.

Heel wat van de verwijzingen in de openbare ruimte naar het Belgische koloniale verleden zijn immers niet alleen fake news, maar kunnen ook als erg aanstootgevend worden ervaren door mensen van Congolese, Rwandese of Burundese afkomst die zich niet erkennen in deze verbloemende imperialistische en onterecht legitimiserende relicten. Enkel door met alle perspectieven rekening te houden, kan echt gewerkt worden aan een inclusieve openbare ruimte. De conclusies van de op te richten stuurgroep zullen dan in de praktijk moeten omgezet worden, natuurlijk in overleg met de bevoegde instanties of niveau’s – in de eerste plaats de gemeenten.

Ook vraagt deze resolutie om nieuwe wegen en infrastructuur namen te geven van mensen uit de brede antikoloniale strijd. Aan de gemeenschappen vragen we dat er in het onderwijs aandacht wordt besteed aan de koloniale geschiedenis en aan de dekolonisatie. Het moeilijke omgaan van België met de Onafhankelijkheid van Congo in 1960 heeft ertoe geleid dat waar eerst er generaties werden overspoeld met fake news, daarna generaties zo goed als niets te horen kregen over deze donkere bladzijden van onze geschiedenis. Ik behoor zelf tot die laatste generatie en tot op heden is dit het geval. Dit moét veranderen.

Dat het brede maatschappelijk debat de voorbije weken is losgebarsten, is goed. Nu moeten we ervoor zorgen dat dit niet weer van de radar verdwijnt. Er is nog een lange en belangrijke weg te gaan totdat België en Congo in het reine komen met hun gedeelde verleden. De voorzichtige spijtbetuigingen van onze koning vorige 30 juni – op de 60ste verjaardag van de onafhankelijkheid – zijn een eerste stap. Ook het werk dat in de net opgerichte Kamercommissie zal gebeuren is onontbeerlijk. Dat wij ook op Brussels niveau stappen ondernemen is meer dan tijd.

Ik roep dan ook op aan mijn medecommissarissen om deze tekst te steunen.